|
Om inzicht in de oorzaken
en gevolgen van het scheelzien te krijgen, is het belangrijk te weten dat
mensen zien met beide ogen. De beelden uit beide ogen worden in de hersenen
verenigd tot één beeld. Dit vermogen tot tweeogig zien, ontwikkelt zich in
de eerste zes tot zeven levensjaren van het kind, waarbij de belangrijkste
ontwikkelingen al plaats vinden in de vroegste levensperiode. Als de
normale ontwikkeling van het tweeogig zien wordt verstoord, kan scheelzien
optreden. Factoren die een rol kunnen spelen bij het ontstaan van
scheelzien, zijn o.a. erfelijke aanleg of medische problemen in de periode
van de geboorte. Ook een eventuele refractieafwijking van de ogen kan het
ontstaan van scheelzien in de hand werken. Hoge verziendheid is een
risicofactor voor het ontwikkelen van scheelzien.Verder kan een verschil in
sterkte tussen de beide ogen leiden tot verstoring van het tweeogig zien en
dus tot scheelzien.
|